Waarom beplanting?

Tuinen zijn stukjes natuur. Ze bieden voedsel en nestgelegenheid voor heel wat vogels in een tijd waarin de economische ontwikkeling en de landbouw de 'wilde natuur onder druk zetten. Met een beetje fantasie is het al mogelijk om een tuin als mini-natuurgebied optimaal te benutten en verschillende vogelsoorten aan te trekken. Een onderdeel hiervan is de beplanting. Deze vormt immers de 'natuurlijke' begroeiing en hoort binnen het ecosysteem van de tuin. De beplanting bestaat voornamelijk uit vaste planten, struiken, bomen en klimplanten. In de echte natuur komen deze verschillende soorten vegetatie ook voor en zij bootsen de opbouw hiervan na.


De meeste bomen, struiken en vaste planten zijn in de winter bladverliezend en bloeien een bepaalde tijd. Door het gevallen blad komen er voedingsstoffen in de bodem wat goed is voor het bodemleven (wormen, torren, kevers, schimmels, bacteriën) waar de vogels naar op zoek zijn. Na de bloei komen er zaden die ook heel waardevol zijn voor vogels. Om het wat gevarieerder te maken zijn enkele bladhoudende planten goed geschikt. Deze bieden een dichte schuilplaats voor vijanden, geven beschutting tijdens winterse kou en er kunnen vaak nesten in worden gebouwd.